Leopold Flam (1912-1995) woont voor een groot deel van zijn jeugd in een kelder in Antwerpen. Zijn Joodse ouders, die uit Lublin naar België emigreerden, kunnen lezen noch schrijven, en proberen aan de kost te komen met leuren en bedelen. Op zijn dertiende begint Flam met het bijhouden van een even openhartig als meedogenloos dagboek. Socrates indachtig heeft hij het vaste voornemen zichzelf te leren kennen.
Het mag een klein mirakel heten dat Leopold Flam in zijn opzet is geslaagd. Hij overleefde de Holocau…




